Ken je dat gevoel dat je alles wilt doen om jouw trouwe viervoeter gezond te houden? Dan ben je vast weleens afgevraagd hoeveel eiwit er eigenlijk in het voer van je hond moet zitten. Het is een terechte vraag, want eiwit vormt de basis van een gezonde hondenvoeding. Honden zijn van nature carnivoren die hun energie en bouwstoffen hoofdzakelijk uit dierlijke eiwitten halen.
Bij vers vlees zoals BARF-voeding ligt het eiwitgehalte op het etiket doorgaans tussen de 14 en 18 procent. Dat lijkt laag, maar dat komt door het hoge vochtgehalte van vers vlees, dat vaak tussen de 60 en 70 procent ligt. Bereken je het eiwit op droge stof basis, dan kom je al snel uit op 45 tot 50 procent, wat ver boven de minimumnormen voor droogvoer uitkomt. Het gaat dan ook niet alleen om het getal op het etiket. De kwaliteit en verteerbaarheid van de eiwitbron zijn minstens zo belangrijk voor de gezondheid van jouw hond.
Het eiwitgehalte dat jouw hond nodig heeft, hangt af van verschillende factoren. Leeftijd speelt een grote rol. Puppy's die nog groeien hebben meer eiwit nodig om hun spieren, botten en organen te ontwikkelen. Volwassen honden hebben minder eiwit nodig voor onderhoud van hun lichaam, terwijl oudere honden soms juist weer wat meer kunnen gebruiken om spiermassa te behouden.
Bij vers vlees is het belangrijk om het as-fedgehalte (zoals vermeld op het etiket) niet te vergelijken met de percentages van droogvoer. Door het hoge vochtgehalte van rauw vlees lijkt het eiwitgehalte lager, terwijl de hond per portie juist een grote hoeveelheid hoogwaardig eiwit binnenkrijgt. Voor een eerlijke vergelijking moet je altijd kijken naar het eiwit op droge stof basis. Benieuwd hoe vers vlees zich verhoudt tot brokken? Lees meer in ons artikel over vlees of brokken voor je hond.
Ook de activiteit van je hond maakt verschil. Een hond die veel sport of werkt heeft meer eiwit nodig dan een hond die voornamelijk op de bank ligt. Hetzelfde geldt voor de grootte van je hond. Kleine hondenrassen hebben over het algemeen een snellere stofwisseling en hebben daarom relatief meer eiwit per kilo lichaamsgewicht nodig.
De gezondheid van je hond speelt ook mee. Honden die herstellen van ziekte of verwondingen hebben vaak tijdelijk meer eiwit nodig. Bij bepaalde nierziekten kan juist een eiwitbeperking nodig zijn, maar dit moet altijd in overleg met een specialist gebeuren.
"Veel mensen kijken alleen naar het getal op het etiket, maar de kwaliteit van het eiwit is veel belangrijker. Een hond kan meer hebben aan 20% hoogwaardig vlees dan aan 30% plantaardig eiwit."
Dean Loeve | Eigenaar BARFmenu
Niet alle eiwitten zijn gelijk. Honden kunnen dierlijke eiwitten veel beter verteren dan plantaardige eiwitten. Dit komt doordat hun spijsverteringsstelsel is aangepast aan het verteren van vlees en andere dierlijke producten.
Vlees vormt de beste eiwitbron voor honden. Of het nu gaat om kip, rund, lam, eend of vis, dierlijk eiwit bevat alle essentiële aminozuren die je hond nodig heeft. Deze aminozuren zijn de bouwstenen van eiwitten en kunnen niet door het lichaam zelf worden aangemaakt.
Orgaanvlees zoals lever, hart en nieren zijn bijzonder waardevol. Ze bevatten niet alleen hoogwaardig eiwit, maar ook veel vitaminen en mineralen. In vers vlees voor honden zitten deze organen in de juiste verhoudingen verwerkt.
Vis is een uitstekende eiwitbron met het voordeel dat het ook omega-3 vetzuren bevat. Deze vetzuren zijn goed voor de huid, vacht en gewrichten van je hond. Daarnaast wordt vis vaak goed verdragen door honden met een gevoelige maag of allergieën.
Eieren vormen ook een complete eiwitbron en worden zeer goed verteerd. Ze bevatten alle aminozuren in de perfecte verhouding voor honden. Zuivel kan eiwitten leveren, maar veel honden hebben moeite met het verteren van lactose.
Hoewel dierlijke eiwitten de beste keuze zijn, komen in veel commerciële hondenvoers ook plantaardige eiwitten voor. Denk aan soja, granen zoals tarwe en maïs, of peulvruchten. Deze plantaardige eiwitten hebben een lagere biologische waarde dan dierlijke eiwitten.
Het probleem met plantaardige eiwitten is dat ze vaak niet alle essentiële aminozuren bevatten. Ook zijn ze moeilijker te verteren voor honden. Een hondenvoer met veel plantaardige eiwitten kan op papier een hoog eiwitgehalte hebben, maar je hond haalt er veel minder uit dan uit dierlijke eiwitten.
Fabrikanten gebruiken plantaardige eiwitten vaak omdat ze goedkoper zijn dan vlees. Voor de gezondheid van je hond is het beter om te kiezen voor voer waarin dierlijke eiwitten de hoofdmoot vormen. Op het etiket staan de ingrediënten op volgorde van gewicht, dus vlees zou bovenaan moeten staan.
Wanneer je hond te weinig eiwit binnen krijgt, zie je dit al vrij snel terug in zijn algemene conditie. Het eerste wat opvalt is vaak een doffe, glanzeloze vacht. De haren kunnen bros worden of zelfs uitvallen. Dit komt doordat het lichaam prioriteit geeft aan vitale functies en minder eiwit beschikbaar stelt voor huid en haar.
Ook de spierconditie van je hond kan achteruitgaan bij eiwitgebrek. Je merkt dan dat je hond minder energie heeft, sneller moe wordt tijdens wandelingen en mogelijk zelfs spiermassa verliest. Bij puppy's kan eiwitgebrek leiden tot groeiachterstand en ontwikkelingsproblemen.
Het immuunsysteem wordt ook zwakker bij te weinig eiwit. Antistoffen die infecties bestrijden zijn namelijk gemaakt van eiwitten. Een hond met eiwitgebrek wordt daarom vaker ziek en herstelt langzaam van verwondingen.
Wondgenezing verloopt trager omdat het lichaam onvoldoende bouwstoffen heeft om beschadigd weefsel te herstellen. Ook de bloedstolling kan minder goed functioneren, wat betekent dat kleine wondjes langer blijven bloeden.
Net zoals te weinig eiwitproblemen veroorzaakt, kan ook te veel eiwit nadelig zijn voor je hond. Overtollig eiwit wordt door het lichaam afgebroken en de afbraakproducten moeten via de nieren worden uitgescheiden. Bij structureel te veel eiwit kunnen de nieren overbelast raken.
Honden met te veel eiwit in hun voer kunnen last krijgen van spijsverteringsproblemen. Je ziet dit terug in zachte ontlasting, diarree of overmatige gasvorming. Dit komt doordat het spijsverteringsstelsel moeite heeft met het verwerken van de grote hoeveelheden eiwit.
Ook kan te veel eiwit leiden tot dehydratie. Voor het afbreken en uitscheiden van overtollig eiwit heeft het lichaam extra water nodig. Daarom is het belangrijk dat je hond altijd voldoende vers water tot zijn beschikking heeft.
Bij jonge honden kan structureel te veel eiwit de groei verstoren. Paradoxaal genoeg kan dit leiden tot ontwikkelingsproblemen, juist omdat de balans tussen voedingsstoffen verstoord raakt. Een kennismakingspakket kan helpen om de juiste hoeveelheid en het juiste type eiwit voor jouw hond te vinden.
"We zien regelmatig dat mensen denken dat meer eiwit altijd beter is, maar balans is het sleutelwoord. In onze voeding zitten de eiwitten in de juiste verhouding met alle andere voedingsstoffen."
Devon Loeve | Eigenaar BARFmenu
Het lezen van een etiket van hondenvoer kan verwarrend zijn. Het eiwitgehalte staat vaak prominent vermeld, maar dit zegt niet alles over de kwaliteit. Kijk daarom altijd naar de ingrediëntenlijst om te zien waar die eiwitten vandaan komen.
Zoek naar concrete vlees- en vissoorten zoals kip, rund, zalm of lam. Vermijd vage termen zoals 'vlees en dierlijke bijproducten' of 'pluimvee'. Hoe specifieker de omschrijving, hoe beter je weet wat je hond eet.
Let ook op de volgorde van ingrediënten. De eerste vijf ingrediënten vormen het grootste deel van het voer. Als hier veel granen of plantaardige bijproducten tussen staan, krijgt je hond minder hoogwaardig eiwit binnen dan het etiket doet vermoeden. Meer weten over wat er precies in droogvoer zit? Lees ons artikel over wat er in hondenbrokken zit.
Meel van vlees of vis kan ook een goede eiwitbron zijn, mits het duidelijk is van welk dier het afkomstig is. Kippenmeel is bijvoorbeeld gedroogd en gemalen kippenvlees. Dit bevat geconcentreerd eiwit, maar is wel verwerkt.
Voor de beste kwaliteit kies je voor voer waarin vers vlees het hoofdbestanddeel vormt. Dit is het dichtst bij de natuurlijke voeding van honden en wordt het best verteerd en opgenomen.
Om ervoor te zorgen dat je hond de juiste hoeveelheid en kwaliteit eiwit krijgt, zijn er enkele praktische handvatten. Kies voor voer waarin dierlijke eiwitten de basis vormen. Dit zorg je dat je hond alle essentiële aminozuren binnenkrijgt in de juiste verhoudingen.
Wissel af tussen verschillende eiwitbronnen. De ene week kip, de andere week konijn of vis. Dit voorkomt niet alleen verveling, maar zorgt ook voor een gevarieerde inname van verschillende aminozuren en andere voedingsstoffen.
Houd de conditie van je hond goed in de gaten. Een gezonde hond met een glanzende vacht, goede spierconditie en normale ontlasting krijgt waarschijnlijk voldoende en kwalitatief goed eiwit binnen. Veranderingen in de vacht, energie of ontlasting kunnen signalen zijn dat er iets niet klopt.
Bij twijfels over het juiste eiwitgehalte voor jouw specifieke hond kun je contact opnemen voor advies op maat. Elke hond is anders en wat voor de ene hond perfect is, hoeft niet automatisch goed te zijn voor een andere hond.
Bij vers vlees zoals BARF-voeding ligt het as-fed eiwitgehalte doorgaans tussen de 14 en 18 procent. Dit lijkt laag, maar door het hoge vochtgehalte van rauw vlees (60 tot 70 procent) is het eiwit op droge stof basis veel hoger, namelijk 45 tot 50 procent. Dat is aanzienlijk meer dan de minimumnormen voor droogvoer. Belangrijker dan het exacte percentage is de kwaliteit van het eiwit. Dierlijke eiwitbronnen zoals vlees en vis zijn veel waardevoller dan plantaardige eiwitten.
De beste eiwitbronnen voor honden zijn vers vlees, vis en organen. Kies voor voer waarin deze ingrediënten bovenaan de ingrediëntenlijst staan. Wissel af tussen verschillende vleessoorten om een gevarieerde aminozuurinname te garanderen. Vermijd voer met veel plantaardige eiwitten of vage omschrijvingen als 'vlees en dierlijke bijproducten'.
Te veel eiwit kan leiden tot nierbelasting, spijsverteringsproblemen en dehydratie. Je hond kan last krijgen van zachte ontlasting, diarree of overmatige gasvorming. Bij jonge honden kan structureel te veel eiwit paradoxaal genoeg juist groeiachterstand veroorzaken door verstoorde balans tussen voedingsstoffen.
Goed hondenvoer moet dierlijke eiwitten als basis hebben, alle essentiële aminozuren bevatten en goed verteerbaar zijn. Het moet vrij zijn van kunstmatige toevoegingen en een uitgebalanceerde samenstelling hebben van eiwitten, vetten, koolhydraten, vitamines en mineralen. De ingrediënten moeten duidelijk vermeld staan en van hoogwaardige kwaliteit zijn.
Benieuwd wat natuurlijke, eiwitrijke voeding voor jouw hond kan betekenen? Ontdek hoe je met de juiste keuzes de gezondheid en vitaliteit van jouw trouwe viervoeter kunt verbeteren.
Meer weten over diervoeding of belangrijke vragen die we krijgen? Lees ons blog!